Luister nuWord vriend

Artikelen / Getuigenis

Johannes Zwart groeide op in een weeshuis en runt nu zelf een gezinshuis: "Je bent meer dan je verleden"

13 oktober 2026

Johannes Zwart danst graag, lacht veel en vangt met een hoop liefde jongeren op in zijn gezinshuis. Toch was de start van zijn leven niet makkelijk. Hij groeide op in een weeshuis, kwam alleen naar Nederland en er was een tijd waarin hij alleen duisternis ervoer. Hij begon zelfs te twijfelen of God wel bestaat. In Brandstof vertelt hij over zijn jeugd in een weeshuis, over een kaartje van zijn dochter dat alles veranderde en over het beeld dat hem hielp om God weer te vertrouwen.

Een geheime zwangerschap

Je leven beginnen in een weeshuis. Dat moet niet gemakkelijk zijn. Maar Johannes ziet dat anders. "Ik heb eigenlijk wel een hele vrolijke start gehad. Mijn moeder zei altijd: je was altijd blij." Zijn moeder werd zwanger terwijl ze niet getrouwd was, en dat was in een christelijk gezin in die tijd absoluut niet de bedoeling. "Negen maanden lang heeft mijn moeder thuis rondgelopen zonder dat iemand het merkte."

Ze beviel alleen. "Zonder vrienden en zonder familie. Alleen de zusters van het ziekenhuis waren erbij." Thuis kon ze haar kind niet mee naartoe nemen. "Dan zouden er vragen komen." Johannes kwam in een weeshuis terecht, en later in een ander weeshuis dat werd geleid door een Nederlandse vrouw. "Doordeweeks werkte mijn moeder en in het weekend kwam ze me ophalen. Dan gingen we leuke dingen doen."

Het is wat het is

In het weeshuis was Johannes het enige kind bij wie een ouder in beeld was. "Het gebeurde vaak dat alle kinderen op een rij moesten staan. Als je lief was geweest, kreeg je een knuffel. Had je iets stouts gedaan, dan kreeg je een tik met een slipper. Ik hoefde daar nooit tussen te staan, omdat mijn moeder steeds kwam. Op een gegeven moment dacht ik: als iemand iets stouts heeft gedaan, dan neem ik de schuld wel op mij. Want ik werd toch niet geslagen. Als iemand in bed had geplast, zei ik: dat was mijn bed. Als iets kapot was gegaan, zei ik: dat heb ik gedaan." 

Ondanks alles, bleef hij een vrolijk jongetje. "Mijn moeder zei altijd: jij was een levensgenieter vanaf het begin. Ik heb foto's waarop ik uren speelde met een leeg luciferdoosje. Dat was genoeg voor mij." Zijn moeder leerde hem ook hoe hij naar het leven kon kijken. "Mijn moeder heeft mij altijd geleerd om mijn zegeningen te tellen. Want die zijn veel groter dan de negatieve dingen."

Zo leeft Johannes nog steeds. "Ik denk vaak: het is wat het is. Kan ik veranderen wat er gebeurd is? Nee. Waarom zou ik er dan boos over blijven? Dat verandert niets. Dus richt ik me liever op de mooie dingen. Deel liefde uit. Deel kennis uit. Daar worden andere mensen blij van, en jijzelf ook."

God als Vader

Met het beeld van God als Vader had Johannes lang moeite. "Dat kwam omdat ik niet ben opgegroeid met een positief vaderbeeld. Mijn stiefvader was niet de meest lieve man. Ik was niet zijn zoon en mijn broertje was duidelijk de lievelingszoon." Dat merkte hij aan kleine dingen. "Als ik vroeg: mag ik een bakje chips?, dan was het: nee. En als mijn broertje vervolgens vroeg: mag ik een bakje chips?, dan kreeg hij er twee. Dat was gewoon kneiterhard."

Daardoor zag hij God liever als een koning. "Als iets machtigs. Maar niet als Vader." Dat veranderde pas toen hij zelf vader werd. "Dan ontdek je wat je zelf als vader doet, en dan denk je: oh, maar zo doet God dat dus ook. Alleen nog veel meer. Dat raakt me soms enorm. Het besef dat deze Vader altijd voor je klaarstaat."

Boos op God

Johannes is ook boos geweest op God. "Ik weet nog dat ik het meest boos was toen mijn oudste dochter ziek werd. Ze kreeg een spierziekte en belandde in het ziekenhuis. Ik zag haar daar liggen. Ze kon haar benen niet meer gebruiken, haar spieren vielen uit. Ik dacht: waarom zij? Neem mij dan. Zij verdient dit niet."

Later lag hij zelf negen dagen met corona in het ziekenhuis. "Op een gegeven moment was ik zo verzwakt dat ik dacht: straks kan ik niet meer dansen. Ik bad: God, help me, want ik voel me niet goed. Maar het enige wat ik ervoer was duisternis. Eenzaamheid. Toen begon ik zelfs te twijfelen. Wat als God helemaal niet bestaat?" Dat raakte alles. "God was mijn kapstok. Mijn fundament. Mijn alles. Dus als je daaraan gaat twijfelen, dan denk je: wie ben ik dan nog?"

Na regen komt zonneschijn

Zijn dochter zorgde ervoor dat hij bleef geloven. "In het ziekenhuis hing een groot prikbord vol kaarten. Daartussen hing één kaart met de tekst: na regen komt zonneschijn. Ontzettend cliché. Maar ik kroop letterlijk naar dat kaartje toe om te kijken wie het had geschreven. Toen zag ik dat mijn dochter het had geschreven: papa, het komt goed. Toen dacht ik: Als ik niet meer voor mezelf kan leven, dan leef ik in ieder geval voor hen."

Later kreeg hij een beeld voor zijn duisternis. "Als een kind verdrietig is, dan druk je het tegen je schouder aan. Als een kind met zijn gezicht tegen jouw schouder aan zit, ziet het niets. Het is donker. Maar het wordt wel vastgehouden. Het wordt opgetild. Het wordt getroost. Alleen voelt het dat misschien niet altijd. Misschien was dat wat ik ervoer. Ik weet het niet zeker. Maar ik kon God niet loslaten." Daarna ervoer hij steeds weer dat God tegen hem zei: "Johannes, Ik ben echt bij je. Waar je ook bent, Ik ben er."

Beheerder van een grote speeltuin

Met een gezinshuis, drie dochters en een dansschool heeft Johannes veel verantwoordelijkheid. Zo voelt het voor hem zelf niet. "Ik voel me meer een beheerder van een grote speeltuin. Ik mag er zo goed mogelijk voor zorgen. En dat vind ik heel mooi." Hij wil vooral een goede vader zijn. "Vooral omdat ik zelf geen goed vaderbeeld heb gehad. Dat wil ik niet worden. Je kunt daar zo op gefocust raken dat je uiteindelijk toch wordt wat je juist niet wilt zijn."

Daarom checkt hij regelmatig bij zijn vrouw en dochters hoe het gaat. "Natuurlijk zeggen ze soms: papa, je begrijpt me niet. Maar over het algemeen zeggen ze: je bent veranderd en je doet het goed. En dat ik hen altijd op nummer één zet." Elk jaar heeft hij ook een speciaal moment met zijn dochters. "Dan gaan we naar Bakker Bart of een pannenkoekenrestaurant. Gewoon in nette kleding, helemaal feestelijk. Soms praten we nergens over. Soms juist heel diep. Maar het belangrijkste is dat zij weten: ik ben er altijd voor je."

Meer dan je verleden

Wat Johannes ook doet, hij wil dat mensen zich gezien voelen. "Dat ze meer zijn dan hun verleden of de keuzes die voor hen zijn gemaakt. Je bent niet alleen het resultaat van je verleden. Je bent veel meer dan dat. Je bent waardevol."

Hij hoopt dat zijn kinderen en pleegkinderen dat later ook weten. "Er is een God die jou gemaakt heeft en geschapen heeft. En Hij wil met jou verder. Het enige wat je hoeft te doen, heel simpel gezegd, is dat te aanvaarden. Maar dat is soms nog best moeilijk."

Meer horen over het verhaal van Johannes? Luister dan het hele gesprek terug via de Brandstof podcast. Dat kan bovenaan dit artikel, via De Groot Nieuws Radio app, Spotify, of Apple Podcasts!

Delen

Misschien ook interessant

Meer artikelen

Mogen we cookies gebruiken?

Via cookies verzamelen we informatie. Dit laat ons toe het gebruik van de site te analyseren, sociale media te integreren, content en marketing te personaliseren, en je gerichte advertenties te tonen op onze sites en apps. Meer uitleg vind je terug in ons privacybeleid en cookiebeleid.

Geef hier onder toestemming of stel je eigen voorkeuren in. Je keuze geldt voor al onze media en je kan deze op elk moment opnieuw aanpassen worden door onderaan de pagina op cookie-instellingen te klikken.